Het lerarentekort en de COVID-19 pandemie als extra tegenwind bij het keren van leerprestaties

Auteurs: Kristof De Witte en Letizia Gambi (KU Leuven)

Deze blogpost is een gedeeltelijke reproductie van De Witte, K., & Gambi, L. (2023). Het lerarentekort en de COVID-19 pandemie als extra tegenwind bij het keren van leerprestaties, Leuvense Economische Standpunten, 2023/199

De resultaten van leerlingen op het einde van het zesde leerjaar gaan sinds 2019 jaarlijks achteruit. Dit zowel voor Nederlands, Frans, wiskunde als voor wetenschappen & techniek. Concreet is de daling meer uitgesproken voor Nederlands en Frans. De afname in wiskunde en wetenschappen & techniek is minder uitgesproken, maar nog steeds aanzienlijk. Bovendien blijkt die negatieve trend voor Nederlands, wiskunde en Frans verder te versnellen. Vooral de prestaties van de sterkste leerlingen dalen merkbaar overheen de tijd.

Dat blijkt uit een analyse van de resultaten van de IDP-toetsen (de interdiocesane proeven) van Katholiek Onderwijs Vlaanderen. Via de resultaten van deze toetsen kunnen scholen zichzelf vergelijken met andere scholen. De IDP-gegevens worden op schoolniveau geaggregeerd en gestandaardiseerd. We hebben de gegevens op schoolniveau verrijkt met administratieve gegevens rond sociaaleconomische kenmerken (SES) van de leerlingen, zittenblijvers, leerlingen met bijzondere onderwijskenmerken, schoolgrootte, aandeel meisjes, aantal leraren in de school, ervaring van de leraren, en de afwezigheden van leraren. Voor 2021 en 2022 beschikken we over administratieve gegevens van het aantal niet-ingevulde vervangingen van leraren. Voor 2020 en 2021 zijn er gedetailleerde gegevens toegevoegd over de zomerscholen die op de school of in de gemeente werden georganiseerd.

Ongelijkheid binnen een school

De ongelijkheid binnen een school kunnen we meten aan de hand van ongelijkheidsmaatstaven (de Gini-coëfficiënt en de verhouding van de testscores van leerlingen op percentiel 90 tegenover percentiel 10). We stellen vast dat de spreiding van testscores in een school voor zowel Nederlands als wiskunde gestegen is sinds 2019 met 7,6%, maar dat deze ongelijkheid constant bleef sinds 2020. Er is dus enkel onmiddellijk na de schoolsluitingen een grotere spreiding ontstaan, maar deze is sindsdien niet verder vergroot noch verkleind.

Ongelijkheid tussen scholen

De evolutie in verschillen in leerprestaties tussen scholen meten we via ‘growth incidence curves’. Deze meten de verandering in leerprestaties ten opzichte van 2019 voor een specifieke kwantielgroep van scholen. De toename van ongelijkheid in testscores tussen scholen waargenomen in 2020 loopt steeds verder op, maar aan een trager tempo dan voorheen.

Niet ingevulde vacatures, ziekteverzuim en lerarenkorps

Sinds het begin van de pandemie observeren we een stijging van het aantal afwezige leraren (bv. door ziekte, burn-out) in scholen. Als gevolg van de toenemende nood aan vervangingen en de algemene krapte op de arbeidsmarkt, observeren we in de laatste twee jaren een sterke stijging van de niet ingevulde vacatures. Dit lerarentekort is echter niet willekeurig verdeeld over scholen. Er is een samenhang tussen het lerarentekort en scholen die meer aantikken op SES-kenmerken. Bij een hoger aantal niet-ingevulde vacatures op een school verminderen de onderwijsresultaten van leerlingen op die school.

Er is ook een invloed van ziekteverzuim. Hoe meer leraren afwezig waren, hoe sterker de testscores voor Nederlands en wiskunde gedaald zijn sinds 2019.

Ook de ervaring van het lerarenkorps speelt een rol. Scholen met een hoger aandeel jonge leraren (minder dan 10 jaar ervaring) tonen een grotere gemiddelde daling in toetsscores. In scholen met een meer ervaren lerarenkorps (aandeel leraren met meer dan 26 jaar ervaring) zien we juist een positieve evolutie in leerprestaties.

Verstedelijking en SES-kenmerken

In vergelijking met 2019 zijn de leerprestaties voor Nederlands lager naarmate de school in een gebied ligt met een hogere bevolkingsdichtheid.

Daarnaast is voor zowel Nederlands als wiskunde de geschatte daling in toetsscores sinds 2019 meer uitgesproken naarmate het aandeel leerlingen met een lage opleiding van de moeder op een school toeneemt. Een vergelijkbaar negatief verband wordt gevonden met betrekking tot een toename van het aandeel leerlingen die een schooltoeslag ontvangen. Voor Nederlands (maar niet voor wiskunde) observeren we een sterkere daling in leerprestaties naarmate er meer leerlingen aantikken op de SES-indicator thuistaal. Het aandeel leerlingen dat aantikt op het kenmerk ‘buurt’ heeft geen bijkomende invloed op de verandering in leerprestaties sinds 2019.

Zomerscholen als buffer

Het inrichten van zomerscholen was één van de initiatieven om de leervertraging sinds de COVID-19 pandemie te verminderen. Ze mikken vooral op remediëring van en voorbereiding op Nederlands en wiskunde. In scholen die van deze interventie gebruik maakten daalden de testscores voor Nederlands minder sterk dan in scholen zonder zomerscholen. Bovendien zijn de leerprestaties voor wiskunde op scholen die een zomerschool inrichtten niet langer lager dan in 2019. Kansarme leerlingen die ervan gebruik maken worden zo tegen de start van het schooljaar bijgespijkerd, waardoor de leraar minder instructietijd en aandacht verliest. De hele klas heeft hier baat bij.

Aanbevelingen

Leraren blijken een cruciale schakel te zijn in het versterken of keren van de trend. We bevelen dan ook aan om de werving van nieuwe leraren te versterken door nieuwe doelpublieken (bv. master basisonderwijs, leraren met migratieachtergrond) aan te spreken. Maar ook om de huidige leraren beter te behouden via een versterkt HR-beleid, betere aanvangsbegeleiding, een takenpakket afgestemd op de draagkracht van de leraar, meer professionalisering, en uitwisselingen via leergemeenschappen.

Omdat het lerarentekort niet snel zal verdwijnen moet ook de organisatie van het onderwijs efficiënter door het samenvoegen van kleinere klassen, geen duplicatie van opleidingen in dezelfde regio, en schaalvoordelen door het ontwikkelen van centraal ICT-gestuurd lesmateriaal.

Zomerscholen, als een remediërende maatregel, kunnen de leervertraging beperken. Terwijl zomerscholen een inkorting van de zomervakantie vormen voor een selecte groep van leerlingen, geeft de brede consensus in de literatuur aan dat een zomervakantie van 8 tot 9 weken leidt tot leerverliezen. In lijn met de literatuur geven we daarom als aanbeveling om de zomervakantie in te korten, te werken aan extra instructietijd, en focus in het curriculum.

Tot slot is er meer aandacht nodig voor ouderbetrokkenheid en moet men terug hogere verwachtingen stellen aan leerlingen, aangezien hun ambitieniveau nu vrij laag is.

Meer lezen?

De Witte, K., & Gambi, L. (2023). Het lerarentekort en de COVID-19 pandemie als extra tegenwind bij het keren van leerprestaties. Leuvense Economische Standpunten, 2023/199, KU Leuven, Faculteit Economie en Bedrijfswetenschappen

Deze verkorte versie is gebaseerd op Gambi, L. & De Witte, K. (2023). The uphill battle: The amplifying effects of negative trends in test scores, COVID-19 school closures and teacher shortages. Working Paper Departement Economie FEB.

Afbeelding van Kenny Eliason via Unsplash