Verwilderen: natuurherstel, maar ook een sociale en culturele transformatie

Rewilding wordt steeds populairder in onze buurlanden, maar kan deze nieuwe visie op natuurherstel de verwachtingen ook waarmaken? “Rewilding stelt de verhoudingen binnen het landschap op scherp”, zegt Linde De Vroey (Centrum voor Europese Filosofie). “Denk aan de relaties tussen mens en dier, natuur en cultuur, maar ook tussen mensen onderling. Als die verhoudingen al problematisch zijn, moet rewilding opletten om die niet net nog erger te maken. Anders loopt natuurherstel, soms met de beste intenties, het gevaar om opgeslokt te worden door een systeem dat een gezonde relatie tussen mens en natuur uiteindelijk onmogelijk maakt.” (Tekst: Linde De Vroey)

Rewilding – dat het best vertaald kan worden als verwilderen in het Nederlands – won de laatste jaren snel aan populariteit als een hoopvolle, ambitieuze en proactieve visie op natuurherstel. Prominente figuren als David Attenborough en Leonardo DiCaprio schaarden zich achter de beweging, en rewilding kreeg al voet aan de grond in 126 landen op zes continenten. “In eigen land blijft deze nieuwe trend nog enigszins onder de radar”, zegt Linde, “al vind je projecten in de Maasvallei, het Grote Netewoud en het Kempen-Broek. Maar bij onze Noorderburen, en aan de overkant van het Kanaal, wordt rewilding een steeds breder gedragen visie.”

Toch roept rewilding ook vragen op. Linde: “Nu zowel publieke als private projecten snel toenemen en er steeds meer fondsen vrijkomen, rijst de vraag naar de impact van rewilding op onze natuur, cultuur en samenleving.” Dat is dan ook wat Linde heeft bestudeerd vanuit een filosofische invalshoek.

Big business of natuurherstel?

Schotland is zo’n plek waar de vraag naar de effecten van rewilding de gemoederen momenteel diep verdeelt. Met zijn spectaculaire landschap en lage bevolkingsdichtheid lijkt het land de ideale ambassadeur voor verwildering. Helaas heeft de snelle opmars van dit soort projecten er ook een duistere kant. Niet al deze projecten worden breed gedragen door de bevolking of de publieke overheid. Alladale Wilderness Reserve, bijvoorbeeld, is het private project van multimiljonair Paul Lister. Op zijn Estate biedt hij naast rewilding ook luxevakanties aan.

“Zulke private projecten, gerund door de zogenaamde green lairds, stuiten vaak op weerstand en geven de rewilding-beweging eigenlijk een negatief imago”, licht Linde toe. Een andere factor zijn de snel groeiende koolstofmarkten, waar bedrijven uitstootrechten verhandelen. Die rechten vergaren ze door broeikasgassen te beperken of verwijderen, bijvoorbeeld door bossen of moerasland te beschermen. De koolstofmarkten sturen groene ondernemers zo steeds meer in de richting van rewilding. In een natie waarin land geconcentreerd is in de handen van een paar rijke eigenaars (minder dan 500 mensen bezitten meer dan de helft van Schotland), zet de nieuwe rewilding-trend extra druk op lokale bewoners, die de prijs van land snel zien stijgen.

“Rewilding dreigt er zo een luxueuze onderneming te worden voor de happy few,waarschuwt De Vroey.  Die rechtvaardigen zich door de claim op natuurherstel. Maar private en commerciële vormen van rewilding kunnen op zichzelf geen duurzaamheid, draagvlak of sociale transformatie op lange termijn garanderen. Integendeel, ze dreigen het draagvlak voor natuurherstel net verder af te breken. Bovendien ondermijnen ze de kritische betekenis van rewilding, dat ooit begonnen is als een ecologische én culturele beweging die opriep onze relatie met de natuur grondig te herzien.”

Naar een transformatie van natuur en cultuur

Schotland toont echter dat het ook anders kan. In Carrifran, niet ver van Edinburgh, schaart een groep bewoners zich al sinds de late jaren 1990 achter rewilding, met het plan om de vallei te herbebossen. Vele andere lokale gemeenschappen volgden sindsdien hun voorbeeld. “Zulke community rewilding-projecten brengen niet alleen voordelen voor de natuur, maar vaak ook voor de lokale gemeenschap,” stelt Linde vast. “Ze versterken bijvoorbeeld sociale cohesie, betrekken mensen actief in de zorg voor het landschap, en dragen bij aan sociaal welzijn.”

Een lokale groep rewilders doet inspiratie op in Carrifran, waar vrijwilligers al 750.000 bomen plantten sinds de start van het project in de jaren 1990. (Victuallers, CC BY-SA 4.0 https://creativecommons.org/licenses/by-sa/4.0, via Wikimedia Commons)

Ook andere organisatie kunnen een gelijkaardige rol opnemen. In de Hooglanden werkt Trees for Life al sinds 1990 aan het herstel van het Caledonische Woud, waarbij ze beroep doen op lokale en (inter)nationale vrijwilligers. De organisatie is intussen uitgegroeid tot een van de belangrijkste in Schotland en opende in 2023 haar eigen Rewilding Center in Dundreggan. Linde: “Dat centrum vertelt niet alleen het verhaal van natuurherstel, maar ook van de diepgewortelde historische band tussen de lokale, Gaelic bevolking en het landschap. Die koppeling komt bijvoorbeeld naar voren in verhalen, plaatsnamen, poëzie en traditionele gebruiken. Dat biedt een voorbeeld van hoe verwildering, immaterieel erfgoed en cultuurherstel hand in hand kunnen gaan.”

Als verwildering ook duurzaam wil zijn op lange termijn, kan het maar beter ook inzetten op die culturele aspecten, vindt Linde. “Het is uiteraard belangrijk om massaal in te zetten op natuurherstel, maar we kunnen daarbij niet om grote sociale en culturele veranderingen heen. Die komen er alleen wanneer rewilding ook een nieuw, positief en vooral rechtvaardig verhaal kan vertellen over de plek van mensen in een wilder landschap.”

Contact

Linde De Vroey | linde.devroey@uantwerpen.be

Lees ook: